Sweelinck op de Bathmense beiaard

BATHMEN – De melodieën die momenteel automatisch vanuit het Bathmense klokkenspel in de toren van de dorpskerk klinken zijn ontleend aan Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621). Op 16 oktober is het 400 jaar geleden dat deze – misschien wel belangrijkste Nederlandse componist – in Amsterdam overleed.
Jan Pieterszoon Sweelinck werd geboren in 1562 in Deventer. Een in 2012 aangebrachte gedenkplaquette aan de Stromarkt (foto) duidt vandaag de dag Sweelincks geboorteplaats aan. Jan Pieterszoon verhuisde als peuter met zijn ouders naar Amsterdam, waar hij later organist zou worden van de Oude Kerk. Zijn invloed als componist leidt via zijn Duitse leerlingen, waaronder Heinrich Scheidemann, van leraar op leerling via de ook in Deventer geboren Johann Adam Reincken tot aan de grote Johann Sebastian Bach en verder. Als leraar werd hij de ‘organistenmaker’ genoemd.

De Bathmense Beiaard laat ieder kwartier kort een klavierwerk van Sweelinck horen. Vooraf aan de uurslagen klinkt Mein junges Leben hat ein End, de halfuuslagen worden ingeluid met Ballo del Granduca en om kwart voor en kwart over het uur klinken enkele tonen uit het liedje Est-ce Mars.

Tijdens de bespeling van zaterdag 16 oktober van 11.00-12.00 uur zal stadsbeiaardier Bauke Reitsma ook muziek van Sweelinck spelen.