Museum MORE verwerft prachtig dubbelzinnig schilderij van

Pyke Koch

Pyke Koch, Rustende schoorsteenveger, 1936, Collectie Museum MORE © Erven Pyke Koch.

Pyke Koch, Rustende schoorsteenveger, 1936, Collectie Museum MORE © Erven Pyke Koch.

GORSSEL – Museum MORE is bijzonder verheugd over de verwerving van het schilderij Rustende schoorsteenveger (1936) van Pyke Koch.

Een prachtig dubbelzinnig schilderij. Het is het eerste werk van drie waarin Koch de schoorsteenveger afbeeldt. Het motief van de ‘viriele’ schoorsteenveger dateert al van eeuwen terug en is een synthese van hoge kunst en volkscultuur. Vaak ook uitgelegd als een verwijzing naar homoseksualiteit. Kochs dromerige schoorsteenveger ligt, omringd door netels, als een soort ‘Renaissance-Venus’ in een besloten tuin. Opvallend is dat het hek op slot is, alsof er sprake kan zijn van een onmogelijke geheime liefde. De figuur heeft een raadselachtige glimlach die doet denken aan die waarmee Leonardo da Vinci beroemd werd. In zijn hand heeft de man een kleine blauwe bloem, die Koch later heeft weggehaald en uiteindelijk weer heeft teruggebracht. Naar het schijnt, op verzoek van de laatste eigenaar, in de jaren ’70. Stond Koch voor een dilemma met verhullen en onthullen? De blauwe bloem kan een verwijzing zijn naar l’amour bleu, de liefde voor mannen onder elkaar. Of misschien staat dit vergeet-me-nietje symbool voor hoop en liefde. Kochs ambigue oeuvre is nog altijd voer voor Freudiaanse psychoanalytici, maar de kunstenaar zelf weigerde steevast zijn werk toe te lichten. Naast artistieke symboliek was Koch vooral geïnteresseerd in het geduldig perfectioneren van zijn schildertechniek. De magnifieke stofuitdrukking, laag over laag, is terug te zien in de plooien van de kleren van de schoorsteenveger. En zijn aandacht voor detail, met de uiterst verfijnde weergave van planten en bloemen, toont Koch grote waardering voor Oude Meesters.

Het werk is verworven bij de veiling Moderne Kunst van Christie’s Amsterdam. Hiermee bevat de collectie van MORE nu 16 schilderijen van Pyke Koch, waaronder ook het oudste nog bewaarde werk van de kunstenaar. Binnenkort zal de nieuwe aanwinst te zien zijn in het museum.

Pyke Koch (1901-1991) leek door zijn voorkomen meer een aristocraat dan een artiest. Des te schokkender vond men zijn werk, toen Koch rond 1930 schijnbaar uit het niets de kunstwereld veroverde. Koch begon pas laat met schilderen, na een afgebroken rechtenstudie, en bleek een wonderboy. Een heer van stand, dat liet hij graag zo, haalde zijn inspiratie uit de Duitse cinema, uit achterbuurtscènes en kermistaferelen. Van verlopen prostituees maakte Koch godinnen uit de goot. Hun verval zichtbaar, maar niet minder trots. Zijn portretten zijn indringend, dubbelzinnig, soms hard. De toeschouwer mag gissen naar Freudiaanse symboliek en de sekse van Kochs helden. Zijn zij vrouwen, mannen of travestieten?

Net als Willink streefde hij technische perfectie na. In Italië bestudeerde hij oude Renaissancekunstenaars zoals Piero della Francesca. Daar ook kreeg hij in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog een gevaarlijke fascinatie voor het fascisme. Hij dreef pas laat in de oorlog af van deze voorkeur en de ‘foute reuk’ bleef nog lang om hem heen hangen. Niettemin heeft het zijn reputatie als groot kunstenaar niet geschaad. Met slechts 120 schilderijen behoort het oeuvre van Pyke Koch nog altijd tot de top van het neorealisme en de 20ste-eeuwse figuratieve kunst. Tijdgenoot, vriend en dichter Adriaan Roland Holst: ”Willink schildert de wereld. Koch schildert het leven”.

 

Museum MORE

MORE is het grootste museum voor Modern Realisme. Het museum is een initiatief van zakenman Hans Melchers en toont figuratieve Nederlandse topkunst uit de afgelopen eeuw. De kerncollectie van het museum bevat belangrijke werken van toonaangevende Nederlandse neorealisten uit de eerste helft van de 20ste eeuw. Van Jan Mankes, Charley Toorop, Dick Ket, Wim Schuhmacher, Carel Willink tot Pyke Koch.

 

ONDERSCHRIFT FOTO: